donderdag 30 augustus 2007

foto's inplakken

Het lijkt niet zo moeilijk. Een paar foto's op een paar vellen papier plakken. Onderschriftje erbij en je hebt een foto-album. Leuk om later eens in terug te kijken.

Ik kan het niet.

Het terugkijken wel, dat is het probleem niet. Terugkijken is leuk. Later weliswaar, nu heb je er niet zoveel aan, maar toch: leuk. Zoals het nu leuk is om jeugdfoto's te bekijken, of foto's van je ouders in jonger jaren, zo zal het over een aantal jaren leuk zijn om je vakantiekiekjes van 2007 te bekijken. Ongetwijfeld. En al is het voor jou niet leuk, dan toch voor anderen.

Fysiek ben ik ook prima in staat om foto's op papier te plakken. Er is niets mis met mijn oog-handcoördinatie, de foto's zijn reeds genomen (overigens neem ik niet graag foto's, terwijl dat toch ook niet zo moeilijk is), het papier is in ruime mate voorhanden, net als lijm. Het 'ik kan het niet' moet u dan ook niet al te letterlijk nemen. Ik ga, om mijn eigen woorden te logenstraffen, zodadelijk daadwerkelijk foto's inplakken. Het komt er kennelijk toch eens van. Wie weet krijg ik de smaak wel te pakken en plak ik na mijn vakantiefoto's uit Zweden binnenkort ook nog andere foto's in. Wie weet. De wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Waarom heb ik nooit eerder foto's ingeplakt? Misschien omdat ik de bezigheid nogal nutteloos en stompzinnig vind. Ik weet dat het einddoel (het later terugkijken) de middelen heiligt, maar toch. Noem me kortzichtig, gericht op de korte termijn, ongeduldig en onrustig, maar ik kan me er gewoonlijk niet toe zetten. Noem me dit alles en u heeft gelijk: ik bén kortzichtig, gericht op de korte termijn, ongeduldig en onrustig. De trieste waarheid is dat ik mij slecht kan zetten tot iets waar ik het nut niet direct van inzie. En voordat u roept 'dat valt toch wel mee' en met tegenvoorbeelden komt: natuurlijk valt het wel mee. Gelukkig geldt dat voor meer in het leven, dat het soms of meestal wel meevalt. Het zou een trieste wereld zijn als het niet soms mee zou vallen.

Hoe, waardoor en hoe triest dan ook, foto's inplakken blijft voor mij een weinig zinnige bezigheid. Misschien moet ik onder ogen zien dat een leven niet alleen gevuld kan worden met zinnige bezigheden. In ieder geval mijn leven niet. Daar heb ik overigens al jarenlang ervaring mee, maar dat is nog iets anders dan het ook onder ogen willen zien. Het probleem is niet dat ik geen zinnige dingen te doen heb: ik zou mijn toneelrol in kunnen studeren of aan mijn scriptie kunnen werken. Maar daar heb ik even geen zin in. Of daar ben ik even niet gedisciplineerd genoeg voor. Noem me ongedisciplineerd en u heeft gelijk. Maar dit terzijde. Even geen toneelrol, even geen scriptie: het is nu tijd om foto's in te plakken. Hoera. En dus tijd om te stoppen met dit niet al te samenhangend relaas. Noem me onsamenhangend en u heeft gelijk. Ik laat u nu met rust. Ik hoor u verzuchten: 'hoera'.

Hoera.

donderdag 23 augustus 2007

het is altijd de ander

Het is altijd de ander die iets fout doet.

In het nieuws: Nederlanders vinden zichzelf sociaal betrokken, maar hun buren niet. In het nieuws: Nederlanders vinden dat zij hun kinderen zelf goed opvoeden, maar andere ouders maken er een zootje van.

Natuurlijk.

Volgens mij ergert iedereen zich meer aan de kinderen van anderen dan aan zijn of haar eigen kinderen. Het zou een trieste wereld zijn als iedereen zich het meest zou ergeren aan zijn eigen kinderen.

En sociale betrokkenheid? Ik zal mijzelf niet snel sociaal betrokken noemen, en ik zal mij al helemaal niet socialer betrokken noemen dan mijn buren. Ik ken mijn buren niet. Hoe sociaal onbetrokken kun je zijn?

Voor de broodnodige nuancering is het nodig om te zeggen dat ik mijn buren wel van gezicht ken, en ze vriendelijk groet als ik ze tegenkom. Ik troost mij met de gedachte dat mijn buren ook niet bijzonder sociaal betrokken zijn bij hun buren. Ik heb het sterke vermoeden dat zij mij ook niet kennen. Behalve dan van gezicht natuurlijk. En zij groeten ook vriendelijk als ze mij tegenkomen. Geen kwaad woord over mijn buren!

Het zijn altijd anderen die zich ergeren aan het gebrek aan sociale betrokkenheid van hun buren, het zijn altijd anderen die klagen over hun buren. Maar voor iemand anders ben jij zelf natuurlijk ook een ander. Voor een buur ben jij natuurlijk ook een buur. Waarschijnlijk blijven we tot in de lengte van dagen over anderen klagen. Het klagen over onszelf zullen we tot in de lengte van dagen aan anderen overlaten. Het zou een trieste wereld zijn als iedereen over zichzelf zou klagen.

zondag 19 augustus 2007

een pijnloze dag

Wat doet meer pijn?

Een pleister heel langzaam van je huid aftrekken of met één snelle ruk? Een geliefde die opeens zegt 'ik ga bij je weg' of een relatie die jarenlang doorsuddert maar gedoemd is om stuk te lopen? Iemand die door een ongeluk in één keer uit je leven wordt weggeslagen of iemand die langzaam wegteert, en het niet meer ziet zitten om nog jaren door te gaan met wegteren?

Ik weet het niet. Alles doet pijn.

De pijn van pleister is te overzien. Een geliefde die plotseling vertrekt is vervelend. Maar misschien beter dan een relatie die na jaren lijmen toch definitief kapot gaat. Je hebt je leven waarschijnlijk weer sneller op de rit na een snelle en duidelijke breuk. Maar alle breuken doen pijn.

Dood is natuurlijk de meest definitieve breuk.

Een vriend sterft plotseling. Je hebt geen tijd om afscheid te nemen. Geen tijd meer om iets tegen hem te zeggen. Je mag je gelukkig prijzen dat je hem nog in het ziekenhuis hebt kunnen zien liggen, hersendood, voordat hij de kist inging. Toch nog een soort van afscheid. Eénzijdig, dat wel, maar toch nog iets. Maar het doet pijn. Veel pijn.

Net als een vriendin die nog wel leeft. Vraag alleen niet hoe, en vraag niet hoe lang. Ze ligt al zes jaar op bed en kan één arm nog een beetje bewegen. Ze vergaat continu van de pijn. Geen reële kans op herstel. Ten dode opgeschreven, maar hoe lang zal het duren? Ze kan zo nog wel veertig jaar op bed liggen.

Wat een leven. Wat een pijn.
Het alternatief voor een dergelijk leven: suïcide of euthanasie. Kiest u maar.

Leven kan pijn doen.
Relaties kunnen pijn doen.
Pleisters kunnen pijn doen.

Ik wens u een pijnloze dag toe morgen.

dinsdag 14 augustus 2007

optreden el cid-week

Het zal u opgevallen zijn. Althans, als u in Leiden woonachtig bent. Het is el cid-week. Voor de niet in Leiden woonachtige medemens: de el cid-week is de introductieweek van de Universiteit Leiden. Maandagochtend werden zo'n tweeduizend nieuwe studenten welkom geheten door de rector magnificus, de burgemeester en door mij.

Voor de geïnteresseerden: de opening van de week is op video vastgelegd. Op http://www.elcidweek.nl/ vindt u, als u goed zoekt, onder de nieuwsberichten een bericht met de titel 'Big Seppo is watching you!' Voor zolang het duurt is hier een verslag van de opening te zien, en vanaf minuut 67 kunt u mij aanschouwen. Het is maar dat u het weet.

woensdag 8 augustus 2007

internetontwondering

Een groot nadeel van internet is dat alles op te zoeken is. Als je je afvraagt hoe de Bee Gees aan hun naam kwamen, heb je het antwoord binnen twee seconden gevonden. Je hoeft je niet lang af te vragen of het drie broers Gibb waren, of twee broers, of vier, en of ze allemaal een voornaam hadden die met een B begon, of dat Barry de enige was en dat de Bee in de Bee Gees voor Brothers stond. Het staat allemaal haarfijn uitgelegd op internetpagina's waarvan ik u de link natuurlijk niet hoef te geven. Het intikken van 'beegees', 'bee gees' of 'bee-gees' in het venster van uw favoriete zoekmachine leidt u zo naar de antwoorden.

En dat is jammer.

Iedereen heeft wel van die dingen waarover hij of zij zich verwondert. Je vraagt je al jaren af hoe iets nou precies zit, je hebt wel een idee maar je weet het niet precies. Typische gevallen van de klok wel hebben horen klepelen, maar niet weten waar de bimbam beiert.

Ik zou zeggen: houden zo. Geniet van je onwetendheid. Koester de verwondering. Niet meteen googelen. Googelen is ontgoochelen.

Zelf vraag ik mij al jaren af hoe het nou zit met de Blues Brothers: bestonden de Blues Brothers al als muzikaal duo en is er daarna een film over ze gemaakt of begon alles met de film? Ik heb wel een vermoeden (film was eerst), maar ik weet het niet zeker. En vanavond was er een film op televisie over Spinal Tap: nog zo'n geval. Ik vermoed (ook hier) dat de film er eerst was, maar wederom weet ik het niet zeker. Ik wil mijn vermoedens niet bevestigd of ontkracht zien, ik blijf het me liever afvragen.

Lieve lezer, als u het antwoord wel weet, of nazoekt op internet, doe me dan alsjeblieft een plezier... verklap het niet.

maandag 6 augustus 2007

zuiveltranen

Iedereen die weleens een zuivelafdeling van een mindere supermarkt gezien heeft, kent het verschijnsel: onder de karren met pakken melk en yoghurt liggen enkele grijze dweilen op de grond, met daarachter een plas vocht. Met een mindere supermarkt bedoel ik overigens alle supermarkten behalve de betere. Wie weet hebben de betere supermarkten ook grijze dweilen en plassen vocht op hun zuivelafdeling, maar dat weet ik niet - ik kom eigenlijk nooit in de betere supermarkt. Maar genoeg persoonlijke ontboezemingen over mijn supermarkteigenschappen, het gaat om de grijze dweilen en plassen vocht.

Eerlijk gezegd gaat het mij trouwens niet om de grijze dweilen. Misschien is 'grauw' een beter woord voor de dweilen, waarschijnlijk is grijs niet de originele kleur van de dweilen. Wellicht waren ze wit, misschien waren ze lichtblauw. Hoe dan ook, effen of gestreept, die dweilen kunnen me gestolen worden. Het gaat om de plassen vocht.

De plassen vocht. Hoe komen ze daar? Waarom liggen ze daar? Ik ben niet zo dom dat ik geen logische verklaring voor het bestaan en ontstaan van deze plassen kan bedenken. Maar logische verklaringen zijn niet altijd de meest interessante. Ik stel mij liever iets anders voor. Dat de plassen ontstaan zijn door mensen die niet tegen de aanblik van zoveel zuivel in pakken kunnen, en spontaan in tranen uitbarsten bij het zuivelschap.

Ik geef toe: een niet erg waarschijnlijke verklaring. Maar ach, er zijn wel meer dingen niet waarschijnlijk. U kunt waarschijnlijk zelf wel voorbeelden noemen van onwaarschijnlijkheden die toch waar zijn, ofschoon ze onwaar lijken of schijnen. Probeert u het maar eens. En als u binnenkort weer eens in een mindere supermarkt bent, kijkt u dan even bij de zuivelafdeling. Misschien ligt er al een grijze dweil met een plasje vocht erachter. Gaat u dan zelf rustig op de dweil staan, en laat uw tranen de vrije loop. U bent niet de enige.

donderdag 2 augustus 2007

het is 2 augustus 2007

Het is 2 augustus 2007.
Drieëndertig jaar geleden werd Jeroen geboren.
Over één jaar zal ik verzuchten dat Jeroen vierendertig jaar geleden geboren werd. En net als vandaag een traan laten, een biertje drinken en aan hem denken.

Het is 2 augustus 2007.
Morgen is het achtentwintig maanden geleden dat Jeroen doodging.
Over acht maanden zal ik herinneringen aan hem ophalen, samen met anderen die hem gekend hebben. We zullen tranen laten, biertjes drinken en aan hem denken.

Het is 2 augustus 2007.
Jeroen heeft in de dertig jaar die hem gegund waren, geleefd. Goed geleefd, echt geleefd. Geen dingen uitgesteld, zijn dromen nagejaagd. Hij heeft tranen gelaten en doen vloeien, bier gedronken en uitgekotst, over mensen nagedacht en mensen aan het denken gezet. Mij in ieder geval.

Het is 2 augustus 2007.
Wanneer begin ik met leven?